
Aglaonema 'Amazon Silver'
Toef
4AGASBU19
In de wintermaanden neemt het aantal zonuren per dag verder af. Voor veel planten betekent dit dat ze te weinig licht krijgen om te kunnen groeien, maar gelukkig zijn er genoeg planten die wel tegen wat schaduw kunnen. Van de Aglaonema tot de ZZ-plant; in dit blog vertellen we u alles over planten die een donkerdere standplaats kunnen waarderen.
Alle planten hebben in principe licht nodig om te kunnen groeien en er is bijna geen enkele plant die het zal overleven op een plek zonder enig licht. De planten die prima op een schaduwplek kunnen staan, zullen waarschijnlijk beter groeien op een plek met meer licht. In bepaalde ruimtes of tijdens bepaalde seizoenen kan het echter lastig zijn om planten een lichte standplaats te bieden. Planten die prima vertoeven op een donkerdere plek of deels in de schaduw kunnen dan een uitkomst bieden. Onder een donkere of schaduwplek verstaan we een plek in een ruimte waar maar weinig daglicht naar binnen valt, bijvoorbeeld doordat er slechts een klein raam is. Ook bij een raam op het noorden is het vaak vrij donker, of een aantal meter bij een raam op het oosten vandaan.
De Aglaonema is een plant die vooral te herkennen is aan de grote bladeren die vrijwel direct uit de grond groeien. Doordat de plant nauwelijks een stam heeft blijft hij vrij laag; groter dan een meter zal de plant niet snel worden. In de oorspronkelijke omgeving van de Aglaonema, in de jungles van Zuidoost-Azië, groeit de plant dan ook onder de bladeren van grotere bomen en planten. Hierdoor is de plant gewend geraakt aan schaduw en kan hij goed op een donkere plek staan. Het beste zal de Aglaonema echter groeien wanneer deze wel een paar zonuren per dag kan meepakken. Ook is het bij het bepalen van de standplaats belangrijk om rekening te houden met de verschillende soorten Aglaonema’s. De variaties met voornamelijk groen en wit in het blad, zoals de ‘Freedman’ en ‘Key Lime’, kunnen namelijk beter tegen een donkerdere plek dan de bont gekleurde variaties ‘Jungle Red’ of ‘Crete’. Of de plant tevreden is met zijn standplaats is gemakkelijk aan de bladeren af te lezen. Gele bladeren zijn een teken van te veel licht en hangende bladeren juist van te weinig licht.

Een sterke plant die juist groeit in donkere hoeken, dat is de Aspidistra elatior. Van oorsprong groeit de plant als bodembedekker in de Japanse en Taiwanese bossen, in de schaduw van andere bomen en planten dus. Als sterke schaduwplant werd de Aspidistra elatior al in de negentiende eeuw gebruikt als interieurplant, in ruimtes die vaak slecht verlicht, tochtig en donker waren. Zo is bekend dat de plant in schoenmakerijen, slagerijen en restaurants stond. De Aspidistra heeft zich ontwikkeld tot een ijzersterke plant die kan overleven op bijna geen licht. De plant kan dan ook niet tegen zonlicht en een zonnige standplaats moet absoluut vermeden worden. Wat betreft de verdere verzorging is de Aspidistra een gemakkelijke plant die niet te veel water nodig heeft. Laat de grond een beetje uitdrogen voor de volgende waterbeurt en zorg ervoor dat de plant niet met de wortels in het water blijft staan.

De Calathea komt oorspronkelijk uit Zuid-Amerika en groeit daar in de oerwouden van het Amazonegebied. Doordat de plant niet zo groot wordt, ongeveer een meter, heeft de Calathea van oorsprong een vrij beschutte plek in de schaduw van hogere planten en bomen. Hierdoor kan de plant slecht tegen zonlicht en staat hij liever op een donkerdere plek, zoals bij een raam op het noorden. Het belangrijkste voor een goede verzorging van de Calathea is het creëren van een hoge luchtvochtigheid. Door hun tropische oorsprong hebben deze planten namelijk een vrij warme omgeving met een hoge luchtvochtigheid nodig. Calathea’s dienen dan ook regelmatig besproeid te worden.

De Caryota mitis staat ook wel bekend als de Vissenstaartpalm of de Vinnetjespalm. Deze naam heeft de plant te danken aan de unieke driehoekvormige bladeren die op de uiteinden splijten als een vissenstaart. De palm groeit oorspronkelijk in Zuidoost-Azië en ondanks deze tropische omgeving met warme temperaturen en een hoge luchtvochtigheid, doet de plant het goed als interieurplant. Zonlicht resulteert bij de Caryota mitis in bruine vlekken op de bladeren en een bleke uitstraling. De juiste standplaats voor deze palm is dan ook niet in een lichte omgeving, maar liever wat meer in de schaduw. Sproei de plant bij een schaduwrijke plek regelmatig, zodat de bladeren schoon worden en het inkomende licht beter op kunnen nemen.

De Dracaena is een zeer populaire interieurplant. Geen wonder, want deze past zich gemakkelijk aan de omgeving aan. Veel soorten zijn dan ook geschikt voor een donkerdere standplaats of een schaduwplek. Het zijn met name de Dracaena’s met donkergroene bladeren die op een donkere plek kunnen staan, zoals de fragrans ‘Compacta’ of de fragrans ‘Janet Craig’. Hierbij geldt dan ook: hoe lichter het blad, hoe lichter de standplaats en hoe donkerder het blad, hoe donkerder de plant kan staan. Bonte Dracaena exemplaren, zoals de fragrans ‘Lemon Lime’, hebben wel een paar uur zonlicht per dag nodig. De verzorging van Dracaena’s is vrij gemakkelijk; ze hebben pas water nodig wanneer de grond volledig opgedroogd is. Omdat ze water opslaan in de stam, kunnen ze gerust een maand zonder water.

De Kentia (Howea) forsteriana dankt zijn naam aan het eiland waar de plant van oorsprong groeit, namelijk Lord Howe, een eiland tussen Australië en Nieuw-Zeeland. Op dit eiland groeit de Kentia onder de schaduw van grotere palmen; de plant vangt dus weinig directe zonnestralen. Hierdoor is de palm niet geschikt voor een zonnige standplaats, maar houdt hij juist van een donkerdere plek in de (half)schaduw. Plaats de plant bijvoorbeeld bij een raam op het noorden of een stukje van een raam op het oosten af. Als de Kentia een aantal zonnestralen in de ochtend vangt is dat prima. De Kentia howea houdt van een lichtvochtige grond, en het is bij het water geven daarom belangrijk om altijd aan de potgrond te voelen. De verdamping van het water is sterk afhankelijk van de temperatuur. In de zomermaanden zal de palm dus meer water nodig hebben dan in de winter.

De Rhapis excelsa is een echte schaduwplant en daarmee erg geliefd in kantoorpanden. Doordat de Rhapispalm oorspronkelijk in de schaduw van omringende bomen en planten groeit, is ze plant gewend aan zeer weinig zonlicht. De plant compenseert dit door veel bladgroenkorrels aan te maken: hoe meer bladgroenkorrels, hoe meer zonlicht er opgeslagen wordt. Dit wordt vervolgens omgezet in energie voor de plant. Doordat de plant zo gewend is aan schaduw kan de Rhapispalm donkerder staan dan de meeste planten. Bij het bepalen van de standplaats is het belangrijk om ervoor te zorgen dat er geen direct zonlicht op de bladeren valt. Indirect licht is wel nodig voor de groei van de plant. Plaats de palm dus tot maximaal 5 meter bij een raam op het oosten of westen en maximaal 7 meter bij een raam op het zuiden vandaan. De Rhapis zal zelf aangeven wanneer de standplaats te licht is: de bladeren verkleuren dan geel. Wanneer er geen nieuwe bladeren worden aangemaakt, staat de palm te donker.

De Sansevieria, die in de volksmond ook wel Vrouwentong of Slangenplant genoemd wordt, is een gemakkelijk te verzorgen plant. Vrijwel alle Sansevieriasoorten passen zich zonder problemen aan hun omgeving aan. In tegenstelling tot veel van de planten in dit blog, is de Sansevieria van oorsprong juist gewend aan enorme hitte en droogte. De plant groeit oorspronkelijk namelijk in de woestijnen van West-Afrika, waar hij overleefde met weinig water. De Sansevieria is daardoor doorontwikkeld tot een ijzersterke plant die door de jaren heen een populaire kantoorplant is geworden. Sansevieria’s hebben weinig water nodig en kunnen op hele lichte en donkere plekken staan. De plant heeft minder water nodig als deze verder van het raam staat.

De Zamioculcas zamiifolia wordt meestal de ZZ-plant genoemd. Oorspronkelijk komt de plant uit het oosten van Afrika. De ZZ-plant past zich gemakkelijk aan verschillende standplaatsen aan, en heeft daarmee veel populariteit gewonnen. In het Engels wordt de plant ook wel de ‘Eternity plant’ genoemd, een plant die voor eeuwig zou kunnen leven omdat hij zo sterk is. Bij een raam op het noorden kan de Zamioculcas direct voor het raam staan. Bij een raam op het oosten of westen is het beter om de plant enkele meters van het raam af te plaatsen. Wanneer de plant op een te lichte plek staat krijgen de bladeren zwarte vlekken en gaan de takken hangen. Zet de plant dan iets verder van het raam af. Bijzonder aan deze ZZ-plant is dat hij tot wel 4 maanden zonder water kan doordat water opgeslagen wordt in de bladeren, stengels en wortels. Voor een bevorderlijke plantengroei is dit echter niet te adviseren, maar het geeft aan dat deze plant niet zo vaak water nodig heeft. Het beste is om de plant water te geven als de grond volledig is uitgedroogd.
