Oorsprong
Caltha palustris komt oorspronkelijk voor in gematigde streken van Europa, Azië en Noord-Amerika. De soort groeit vooral in moerassige gebieden, langs oevers en in weilanden die vaak overstroomd worden. In Nederland en België is de plant inheems. Caltha palustris wordt ook wel dotterbloem genoemd. Deze plant houdt van een natte, voedselrijke bodem.
Kenmerken
Caltha palustris is een vaste plant die 30 tot 60 centimeter hoog kan worden. De bladeren zijn rond tot niervormig en hebben een glanzend oppervlak. In het voorjaar verschijnen opvallende, heldergele bloemen met een doorsnede van twee tot vijf centimeter. De bloemen bevatten vijf tot negen bloembladen en talrijke meeldraden. Na de bloei vormt de plant zaden in behaarde kokervruchten.
Verzorging
Caltha palustris groeit het beste op een vochtige tot natte standplaats. De plant verdraagt tijdelijk onder water staan. Een voedselrijke bodem bevordert de groei. Zon tot halfschaduw is geschikt voor deze soort. Regelmatig natte grond is noodzakelijk om de plant gezond te houden.